Tegenwoordige tijd

Oefen de vervoeging van werkwoorden in de ‘onvoltooid tegenwoordige tijd’.

 

Je kan deze oefening maken na het verwerken van thema ‘1.01 – Op school’ en ‘1.02 – Mijn lichaam’. Je oefent volgende werkwoorden:

 

drinken – eten – gaan – hebben – heten – kijken – kiezen – kleuren – komen – leren – lezen – luisteren – maken – pakken – schrijven – spelen – staan – tekenen – tonen – vallen – vragen – wachten – zeggen – zijn – zitten

 

Kies hieronder welke vorm(en) je wil oefenen.

Werkwoorden in de tegenwoordige tijd

Werkwoorden Uncover

Beloning afbeelding